Decreet van 19 maart 2004 betreffende de rechtspositieregeling van de student, de medezeggenschap in het hoger onderwijs, de integratie van bepaalde afdelingen van het hoger onderwijs voor sociale promotie in de hogescholen en de begeleiding van de herstructurering van het hoger onderwijs in Vlaanderen

Besluit van de Vlaamse Regering van 4 juni 2004 inzake sommige werkingsregelen betreffende de raad voor betwistingen inzake studievoortgangsbeslissingen bevoegd voor het hoger onderwijs

Beroep aantekenen bij de Raad voor betwistingen inzake studievoortgangsbeslissingen

Bij de Raad voor betwistingen inzake studievoortgangsbeslissingen (de Raad) kan je in 3 situaties een procedure opstarten:

  • Je bent ingeschreven aan een hogeschool of universiteit en je vindt dat je onterecht een ongunstige studievoortgangsbeslissing hebt gekregen. Je moet wel eerst intern beroep aantekenen bij de onderwijsinstelling zelf.
  • Je buitenlands diploma hoger onderwijs is niet gelijkwaardig verklaard met een Vlaams diploma hoger onderwijs en je bent het daar niet mee eens.
  • Je hebt leerkrediet verloren door een overmachtssituatie.

BEVOEGDHEDEN VAN DE RAAD

De Raad beslist over betwistingen inzake studievoortgangsbeslissingen. Dan gaat het over :

– een examenbeslissing;  elke beslissing die – al dan niet op basis van een deliberatie – een eindoordeel inhoudt over het voldoen voor een opleidingsonderdeel, diverse opleidingsonderdelen van een opleiding, of een gehele opleiding
– een examentuchtbeslissing; dit is een sanctie die werd opgelegd n.a.v. bepaalde examenfeiten
– het toekennen van een bewijs van bekwaamheid; dit is een attest dat aangeeft dat een student op basis van eerder verworven competenties of kwalificaties, bepaalde competenties verworven heeft
– het toekennen van een vrijstelling; dit is het opheffen van de verplichting om examen af te leggen over een bepaald opleidingsonderdeel (of een deel ervan)
– een beslissing waarbij het volgen van een schakel- en/of voorbereidingsprogramma wordt opgelegd (en waarbij de omvang van dit programma wordt vastgelegd)
– het opleggen van een maatregel van studievoortgangsbewaking
– de weigering van het opnemen van een bepaald opleidingsonderdeel in het diplomacontract waarvoor de student die een geïndividualiseerd traject volgt zich nog niet eerder heeft ingeschreven.
– beslissingen in verband met het leerkrediet die door de hogeschool, de universiteit of de stuurgroep Databank Hoger Onderwijs zijn genomen (zij het dat voorafgaandelijk een verzoek tot rechtzetting bij de instelling of de stuurgroep moet zijn ingediend voor materiële vergissingen of onjuistheden die aan de grondslag van de beslissing liggen)

HOE OORDEELT DE RAAD ?

De Raad zal de aangevochten beslissing toetsen aan : (i) de decretale en reglementaire bepalingen, (ii) het onderwijs- en examenreglement van de betrokken instelling, (iii) de algemene administratieve beginselen en beginselen van behoorlijk bestuur.

De Raad kan op twee manieren beslissen:

  • ofwel wijst de Raad het beroep gemotiveerd af
  • ofwel vernietigt de Raad gemotiveerd de onrechtmatig genomen studievoortgangsbeslissing

In het laatste geval is het belangrijk om te weten dat de Raad niet in de plaats van de instelling kan treden en dus zelf geen nieuwe voortgangsbeslissing kan nemen. Zij kan de instelling enkel verplichten in dat geval een nieuwe studievoortgangsbeslissing te nemen onder de door de Raad gestelde voorwaarden. Deze voorwaarden kunnen inhouden dat:

  • een nieuwe examen(tucht)beslissing afhankelijk wordt gemaakt van de organisatie van een nieuw examen
  • een nieuwe beslissing die een bewijs van bekwaamheid toekent afhankelijk wordt gemaakt van een nieuw bekwaamheidsonderzoek
  • bepaalde onregelmatige of onredelijke motieven bij de nieuwe beslissing niet meer mogen meespelen
  • bepaalde regelmatige en redelijke motieven bij de nieuwe beslissing moeten mee in overweging genomen worden

WIE KAN EEN BEROEP INDIENEN BIJ DE RAAD EN HOE GEBEURT DIT?

Iedere student van en universiteit of hoge school kan een beroep indienen bij de Raad indien hij/zij een studievoortgangsbeslissing wil aanvechten. Hetzelfde geldt voor personen die een bekwaamheidsonderzoek aanvragen bij een validerende instantie in de schoot van een associatie.

Het verzoekschrift moet op straffe van onontvankelijkheid ondertekend door de student of zijn raadsman aangetekend worden verstuurd naar de Raad, alsook naar het bestuur van de instelling.


HET VERLOOP VAN DE PROCEDURE

De procedure verloopt voor het grootste deel elektronisch en doorloopt de volgende stappen:

– het verzoekschrift wordt ingeschreven in een register en een ontvangstbericht wordt verzonden naar de student of zijn advocaat
– de instelling maakt zijn volledige dossier over aan de Raad
– de Raad stelt een dossier samen en geeft partijen de mogelijkheid tot raadpleging ervan
– de Raad maakt aan de partijen een procedurekalender over met termijnen (van minstens 48 uur) waarbinnen zowel de instelling als de student (als repliek) hun argumenten schriftelijk aan de Raad kunnen overmaken, alsook met de vermelding van de dag en het uur waarop de zaak voor de Raad kan worden gepleit
– openbare zitting van de Raad waarop de zaak tegensprekelijk (dus in aanwezigheid van beide partijen) wordt gepleit
– de Raad neemt de zaak in beraad en neemt een beslissing die per e-mail en aangetekend naar de partijen wordt verstuurd.

De beslissingen van de Raad zijn vatbaar voor administratief cassatieberoep bij de Raad van State.

Onderzoekster Maaike Callens van de Universiteit Gent betwist bevindingen in die zin van de Nederlandse hoogleraar Anna Bosman van de Radboud Universiteit in Nijmegen.

Bron: Meer dyslexie door slecht onderwijs? “Ik denk het niet!”

Onderzoekster Maaike Callens van de Universiteit Gent betwist de bevindingen van enkele Nederlandse collega’s in verband met dyslexie: er zouden meer gevallen worden vastgesteld dan vroeger en dat zou te wijten zijn aan het onderwijs. Volgens Callens, die heeft gedoctoreerd rond studenten met dyslexie in het hoger onderwijs, zijn er meer gevallen van dyslexie omdat de diagnose gewoon veel sneller wordt gesteld.

Volgens dyslexiehoogleraar Anna Bosman van de Radboud Universiteit in Nijmegen krijgen onnodig veel kinderen de diagnose dyslexie en dyscalculie. Volgens haar heeft het veel te maken met het onderwijs zelf. “We vergeten te checken of er wel goed onderwijs is gegeven”, zegt ze aan het Algemeen Dagblad. Uit haar studies blijkt dat met wetenschappelijk onderbouwde methodes kinderen wel nog met sprongen vooruitgaan. “Ik vraag me zelfs af of dyslexie wel bestaat”, zegt Bosman.

“Er bestaan inderdaad mensen die dyslexie zien als een gevolg van slecht onderwijs”, zegt Maaike Callens aan onze redactie. “Maar hoe rijm je dat met het feit dat dyslectische studenten met een perfect normaal IQ slagen in het hoger onderwijs?”

“Een van de criteria is net dat dyslexie pas kan worden vastgesteld in het onderwijs en na individuele begeleiding”, zegt Callens. Daarmee wordt volgens haar de stelling van haar Nederlandse collega’s ontkracht als zouden dyslectische kinderen kunnen worden geholpen door extra individuele begeleiding.

Niet méér dyslexie

“Ik denk overigens niet dat er vandaag meer kinderen met dyslexie zijn dan pakweg 30 jaar geleden”, zegt Callens nog. “Wel is het zo dat de diagnose sneller wordt gesteld en dat ouders sneller aan de alarmbel trekken door een betere begeleiding. Vroeger werd dyslexie minder snel gedetecteerd en werden dergelijke leerlingen beschouwd als minder intelligent en werden ze naar een andere richting gestuurd waar ze wel mee konden.”

“Wat niet betekent dat de diagnose altijd op een correcte manier gebeurt en het klopt dat je daardoor ook wel overdiagnose kan hebben.”

Op vijf jaar tijd werden er in het onderwijs 115 personeelsleden ontslagen of afgezet. Dat blijkt uit het antwoord van Onderwijsminister Hilde Crevits…

Bron: De voorbije vijf jaar 115 vastbenoemden ontslagen in het onderwijs

Middelbare scholieren zullen in de toekomst weer vaker te maken kunnen krijgen met een herexamen. Vandaag is het bijna uitsluitend mogelijk na ziekte, maar daar komt door de modernisering van het secundair onderwijs verandering in. Voortaan zullen scholen die leerlingen een tweede kans willen geven, bijvoorbeeld na een onverwacht slechte toets, niet meer op de vingers worden getikt door de onderwijsinspectie

Bron: Herexamens in middelbaar worden weer vaker mogelijk – HLN.be

Bron: Bezint eer ge (uw examen) betwist – De Standaard

 

RAAD VOOR BETWISTINGEN STUDIEVOORTGANG
Bezint eer ge (uw examen) betwist

12 APRIL 2016 OM 17:00 UUR | Stijn Cools

Een 5 op 20 voor dat verschrikkelijke examen Statistiek I? Laat de Raad voor betwistingen inzake studievoortgangsbeslissingen er een 10 van maken. Zo gonst het toch in aula’s en leslokalen. ‘Keer op keer moet ik het zeggen: de Raad geeft je geen nieuw punt’, aldus gespecialiseerd advocaat Christophe Vangeel.

Rolnummer 2014/532: de gelijkschakeling van een Palestijns bachelordiploma in de Architectuur met een gelijkwaardig Vlaams diploma. (Ongegrond) Rolnummer 2014/540: de weigering van inschrijving voor een master Psychologie wegens het herhaaldelijk niet slagen voor een bepaald vak. (Onontvankelijk) Rolnummer 2014/541: het opleggen van een voorbereidingsprogramma voor het volgen van een master Management. (Gegrond)
En ga zo maar door. De lijst van de behandelde zaken door de Raad voor betwistingen inzake studievoortgangsbeslissingen is lang. En wordt steeds langer, zo klaagt de Vlaamse ombudsman Bart Weekers vandaag aan in De Standaard. Maar wat is de kans van slagen voor deze malcontente studenten?

De eenvoudige zaken

Om daar een antwoord op te geven, maakt voorzitter Jim Deridder een onderscheid in de zaken die hij ziet passeren. De meerderheid van de zaken valt onder de leerkredietaanpassingen door overmacht. ‘Dat zijn studenten die door een geval van overmacht, zoals een overlijden in de familie of een ziekte, een examen niet kunnen afleggen, daardoor een stukje van hun leerkrediet verliezen en dat willen aanvechten.’
’Dit valt niet te vergelijken met echte betwistingen waar de universiteit of hogeschool tegenover de student staat. Dit zijn vrij eenvoudige zaken. De kans voor de student om gelijk te krijgen, bedraagt ergens rond de negentig procent, schat ik.’ Dat zegt Karen Weis (UCLL). Zij is coördinator van het Onderzoekscentrum Recht in Praktijk en heeft hier onderzoek naar gedaan.

De moeilijke zaken

Dan is er nog een tweede groep, zaken die variëren van weigeringen tot inschrijving na meerdere onvoldoendes voor een bepaald vak, stages die resulteren in een teleurstellende laag cijfer, gevallen van spieken tot diploma’s die maar niet gelijkgesteld worden. Hier ligt het slaagpercentage een heel stuk lager: nog geen een op de drie studenten krijgt gelijk.
‘Ik krijg meer en meer van deze dossiers op mijn bureau de afgelopen jaren’, zegt Christophe Vangeel. Hij afficheert zich als onderwijsadvocaat en behandelt regelmatig zaken voor de Raad. ‘Ik zie dat er veel beoordelingsmomenten zijn: papers, stages, jureringen. Daarvan stemt de uitkomst niet altijd overeen met het gevoel van de student. Bijvoorbeeld, iemand krijgt goede feedback op zijn of haar stage, maar dat resulteert in een laag cijfer van de docent. Dan is er iets aan de hand.’
Een ander groep die Vangeel meer en meer ziet langskomen, zijn de studenten die faciliteiten eisen. ‘Ik heb recent nog zo’n geval gehad. Een student had door zijn handicap serieuze concentratiestoornissen. Hij had dit vooraf gemeld, maar toch werd er geen rekening mee gehouden. Zijn examen liep faliekant af. Hij wil dat nu aanvechten.’

De maatschappelijke trend

Is er sprake van een juridisering van het onderwijs? Karen Weis (UCLL) ziet dat er meer en meer advocaten ingeschakeld worden. ‘Maar bij de cliënten die ik over de vloer krijg, heb ik niet het gevoel dat ze over één nacht ijs zijn gegaan. Er is een interne beroepsprocedure aan voorafgegaan en dat kost tijd en geld. Het zijn geen rijkeluiszoontjes die snel hun punten willen optrekken’, zegt Vangeel.
Wat hij nog wil benadrukken: de Raad kan je helemaal geen nieuwe punten geven. Van een 5 een 10 maken, vergeet het. ‘Als de Raad je eis gegrond vindt, moet de universiteit of hogeschool zich hier opnieuw over buigen. Maar dat kan evengoed resulteren in een betere motivering van je onvoldoende.’

De rechtenstudent

Uit het onderzoek van Weis blijkt nog dat studenten uit technologische richtingen en de architectuuropleidingen het minst richting Raad trekken, maar wel het vaakst gelijk krijgen. Ook de geneeskundestudenten scoren goed. De lerarenopleidingen, managementrichtingen en rechtenstudenten hebben het minste kans van slagen. ‘Door eerder doorlopen zaken hebben ze hun manier van motiveren al aangepast. Andere opleidingen kunnen hier wellicht nog iets van leren’, meldt Weis in haar onderzoek.
Vangeel geeft nog een advies mee. ‘Ook voor onderwijszaken gelden de rechtsregels. Is het goed gemotiveerd, is het redelijk, is het zorgvuldig? Enzovoort. Als er daar iets aan rammelt, ligt de kans op slagen meteen een stuk lager.’

Steeds meer ouders trekken naar een advocaat, uit onvrede met het B- of C-attest van hun zoon of dochter in het secundair onderwijs. Scholen zien het niet graag gebeuren en wapenen zich ertegen. De klassenraden die de attesten toekennen zorgen ervoor dat hun motiveringen nog uitgebreider en accurater zijn dan vroeger. En het zijn niet enkel scholieren die hun resultaten betwisten, zelfs ouders van een kleuter trokken onlangs naar een advocaat omdat hun kind niet over mocht naar het eerste leerjaar.

Bron: Ouders van kleuter vechten rapport aan | VTM NIEUWS

De Vlaamse regering heeft een akkoord bereikt over de hervorming van het secundair onderwijs. De studierichtingen in de tweede en derde graad worden beperkt en anders georganiseerd. De opdeling aso, bso, tso blijft behouden.

Bron: Akkoord onderwijshervorming: zo zal het secundair onderwijs eruitzien